Zelfbewoningsplicht in 60 procent van Nederlandse gemeentes

Niet alleen de grote steden, maar ook tientallen andere gemeenten hebben een ‘zelfbewoningsplicht’, om zo het opkopen van woningen door beleggers te voorkomen.

Uit een enquête van de Volkskrant komt naar voren dat van de 222 (van de 352) gemeenten die hebben meegedaan, 60 procent al gebruikmaakt van een zelfbewoningsplicht van nieuwbouwhuizen.

Gemeenten denken er ook nadrukkelijk over om na 1 januari 2022 de opkoopbescherming tegen beleggers van bestaande koopwoningen in te voeren. Opnieuw 60 procent van de ondervraagde gemeenten heeft al stappen in die richting gezet.

Rotterdam is met dat laatste de snelste. In liefst zestien wijken zijn beleggers niet welkom als er een koopwoning in de verkoop gaat. ,,Gezinnen komen er op veel plekken gewoon niet meer tussen. Die moeten weer een eerlijke kans op de woningmarkt krijgen”, aldus wethouder Bas Kurvers tegen deze site. Het stadsbestuur van Amsterdam heeft voorgesteld dat alle huizen met een WOZ-waarde van een half miljoen euro onder de opkoopbescherming gaan vallen.

“Gezinnen komen er op veel plekken gewoon niet meer tussen”

– Bas Kurvers, wethouder

Maar het zijn dus niet alleen de grote steden die het middel inzetten. Van de gemeenten die nog niet zo’n maatregel hebben, heeft bijna een derde concrete plannen om die alsnog in te voeren, aldus De Volkskrant.

Tot bepaalde koopsom beschermd

Het merendeel van de gemeenten die een zelfbewoningsplicht hanteren, houdt die maatregel aan voor huizen tot een bepaalde koopsom, bijvoorbeeld voor sociale koop (tot 200.000 euro) of de maximale Nationale Hypotheek Garantie van 355.000 euro (in 2022). Maar bijvoorbeeld in Vught geldt de ‘zelfwoonplicht’ voor woningen tot 6 ton.

De zelfbewoningsplicht geldt meestal voor enkele jaren. Soms voert een gemeente een antispeculeringsbeding in. Als het huis toch eerder wordt verkocht, gaat de winst dan niet naar de bewoner, maar naar de gemeente.

Het kopen van woningen en vervolgens duur verhuren of het snel met winst doorverkopen is populair bij beleggers. Deskundigen zeggen dat daardoor de huizenprijzen zijn opgejaagd en met name starters minder kans hebben op een koopwoning. Het aantal huurwoningen is wel toegenomen, maar omdat huren boven de sociale huurgrens niet is beschermd en de woningnood hoog is, kunnen beleggers zeer hoge huren vragen. De betaalbaarheid van woningen staat onder druk.