Onvoorzichtigheid belangrijke oorzaak bij woningbranden

Tweederde van alle fatale woningbranden door onvoorzichtigheid slachtoffer

​​De Brandweeracademie deed onderzoek naar de oorzaken van woningbranden met een fatale afloop en concludeerden dat twee derde van de fatale woningbranden veroorzaakt is door onvoorzichtigheid van het slachtoffer.

Vorig jaar vielen er in totaal 31 doden als gevolg van een woningbrand waarbij +/- 65% was te herleiden tot oorzaken zoals roken, koken en branden veroorzaakt door elektrische apparaten.

De cijfer uit het onderzoek over woningbranden

Uit de cijfer van de Brandweeracademie leren we dat brand voor roken (veelal smeulende sigaretten) doodsoorzaak nummer één is met 30% van alle gevallen. Dit gevolgd door onvoorzichtig omgaan bij het koken (15%) en problemen met (elektrische) apparaten (11%). Kortsluiting of een defect aan een apparaat wordt gezien als de grondslag van 15% van de fatale woningbranden. Volgens de Brandweeracademie liggen deze cijfers in lijn met die van voorgaande jaren..
De meeste fatale woningbranden zijn ontstaan in een galerijflat (37%), gevolgd door een rijtjeswoning (30%), verzorgingstehuizen of woningen met zorg (15%), een vrijstaande woning (7%). Branden in een portiekflat, appartement of recreatiewoningen sluiten de lijst.

Ruimten in het huis

Het onderzoek laat verder zien dat 37% van de fatale woningbranden zijn ontstaan in de woonkamer. Branden in de slaapkamer en keuken delen de tweede plaats met 22%. Van de overige branden vond 15% zijn oorsprong in andere vertrekken in de woning en was de oorzaak bij 1% onbekend.
In 19% van de gevallen was het een stoel of bank waarin de brand was ontstaan. In 15% van de gevallen ging het om een bed of matras. Andere voorwerpen waarin de branden hun oorsprong vonden zijn (frituur)pan (11%), elektrische apparaten (11%), kleding/textiel (7%), meubilair (4%), en de kachel.  In een ruim een kwart van de gevallen (26%) kon niet worden achterhaald in welk voorwerp de brand was ontstaan.

Fatale woningbranden​​ en de tijd van het jaar

Uit het onderzoek blijk dat de meeste fatale woningbranden ontstaan in februari (22%), gevolgd door november (19%). De ranglijst voor de rest van het jaar is: september en oktober (15%), januari en juli (7%), maart, april, mei, december (alle 4%) en januari (2%).

​Dagen van de week

​Op maandag en zaterdag (beide 22%) vonden de meeste branden met dodelijke slachtoffers plaats, op vrijdag 19%, donderdag 15%, zondag 11%, donderdag 7% en woensdag 4%. Een kwart van alle fatale woningbranden (26%) vond ’s ochtends tussen twee en zes uur plaats en 19% tussen zowel zes en tien uur ‘ ochtends en tussen de twee en zes uur ‘s middags. Daarnaast ontstond 15% van de branden zowel tussen de tien en twee uur overdag als tussen tien uur ’s avonds en twee uur ’s ochtends. De resterende 7% gebeurde tussen zes en tien uur ’s avonds.

Brandweeracademie

De Brandweeracademie, onderdeel van het IFV, heeft als taak brandweermedewerkers en mensen werkzaam binnen rampenbestrijding en crisisbeheersing vakbekwaam te maken en te houden. Dit onderzoek naar woningbranden is uitgevoerd in 2016.

​Dit artikel verscheen eerder ook op riskenbusiness.nl