Heeft leefstijl effect op het denkvermogen van ouderen?

Van geheugentraining tot lichaamsbeweging en van gezonde voeding tot ontspanning. Wat helpt om achteruitgang in het denkvermogen van ouderen te voorkomen? Dat wordt nu onderzocht in een Nederlandse studie.

Leefstijlprogramma

Onlangs is de FINGER-NL-studie in Nederland gestart, waarin ouderen tussen 60 en 79 jaar 2 jaar lang een leefstijlprogramma volgen. De onderzoekers kijken of de leefstijlaanpassingen effect hebben op het denkvermogen van de ouderen.

De FINGER-NL studie wordt uitgevoerd door 5 Nederlandse onderzoekscentra: Wageningen Universiteit, Universiteit Maastricht, Radboudumc, Universitair Medisch Centrum Groningen en Alzheimercentrum Amsterdam.

Naar Fins voorbeeld

Uit een eerdere studie uitgevoerd in Finland, genaamd FINGER, bleek dat een combinatie van lichaamsbeweging, gezonde voeding, goede controle van de hart- en vaatgezondheid en geheugentraining het denkvermogen van ouderen verbetert.

Recent onderzoek laat zien dat andere leefstijlfactoren, waaronder beter slapen en voldoende ontspanning, mogelijk ook een positief effect hebben op het denkvermogen. In de FINGER-NL studie bundelt al deze leefstijlfactoren tot een 2-jarige leefstijlinterventie.

Hersengezondheid

Mensen tussen 60 en 79 jaar oud kunnen meedoen als er ruimte voor verbetering is op het gebied van leefstijlfactoren die bijdragen aan de hersengezondheid. Denk aan een hoge bloeddruk, een verhoogd cholesterolgehalte, een weinig actieve leefstijl, een ongezonde voeding, dementie in de familie of problemen met het denkvermogen.

Gedurende 2 jaar volgen zij een leefstijlprogramma, waarbij metingen worden gedaan bij de start, na 1 jaar en na 2 jaar. Het gaat onder meer om bloeddruk en gewicht en vragenlijsten over voeding, beweging, slaap en stemming.

Ook meet men de snelheid van informatie verwerken, geheugen, taalvaardigheid, aandacht en concentratie. Met de resultaten van het onderzoek hopen de onderzoekers in de toekomst een gerichter leefstijladvies te kunnen geven om achteruitgang in het denkvermogen van ouderen te voorkomen.